Lookalike

Mijn vriendin lijkt op iemand.

Nu lijkt bijna iedereen wel een beetje op iemand anders, dus het bovenvermelde feit zal zonder nadere toelichting waarschijnlijk weinig opzien baren. Maar in het geval van mijn vriendin is er een complicatie: ze lijkt op een Bekende Nederlander. Althans, dat dénken wij.

Mijn vriendin en ik houden ons in het dagelijks leven geen van beiden veel bezig met BN'ers. We kijken weinig of geen tv en slaan de betreffende rubrieken in de krant en op internet meestal over -- onze tijd op dit ondermaanse is immers beperkt en we hebben wel wat beters te doen.

Het heeft dan ook geruime tijd geduurd voordat we onraad roken. Als we samen over straat lopen, kijken mensen weleens naar ons, maar dat is op zich natuurlijk niet raar. Ik kijk op straat ook vaak even naar mensen die ik tegenkom. Maar op een gegeven moment begon het ons op te vallen dat mensen vaak net iets te lang keken. In onze maatschappij gelden bepaalde ongeschreven wetten en normen, en één daarvan is dat je iemand niet te lang aanstaart. Al was het maar om te voorkomen dat de betreffende persoon je een kribbig 'Wat mot je' of 'Hé, hep ik soms wat fajje an' toevoegt.

Maar BN'ers zijn een soort publiek bezit, die mág je aangapen, en zij worden ook geacht daaraan gewend te zijn en ertegen te kunnen.

Maar hoe kom je erachter dat mensen denken dat je een BN'er bent? Ik ben heel lang sceptisch geweest, omdat ik een veel simpeler theorie had. Mijn vriendin is namelijk -- laat ik er maar niet langer omheen draaien -- mooi. En als man en ervaringsdeskundige kan ik onder ede verklaren dat je blik altijd nét iets langer blijft hangen aan een mooie vrouw dan aan, noem eens wat, een tonronde moeke uit Jipsingboertange, Winterswijk of Neerijnen.

Mijn vriendin zelf had al langer zo haar vermoedens. Zij beweerde dat er iets ánders was in de manier waarop mensen naar haar keken, en dat ook vrouwen haar aangaapten. En dat ze zich niet kon voorstellen dat al die vrouwen op vrouwen vielen. Daarvoor waren het er gewoon te veel.

En toen stonden we op een dag te wachten voor een voetgangerslicht. Achter ons stond een vrouw met haar zoontje van een jaar of acht. Het jongetje begon op een luide fluistertoon: 'Hé mam, dat is...!', maar de moeder kapte hem af met een dringend: 'Sssst!'

Nu weten we dus zeker dat mijn vriendin op iemand lijkt.
We weten alleen nog steeds niet op wie.



Copyright © 2011 Wim Scherpenisse <info@wimscherpenisse.nl>
Terug naar de pagina 'Artikelen'
Terug naar mijn homepage